Stichting Sociaal Cultureel Werk BOB

Stichting Bob

Welkom op de site van Stichting Sociaal Cultureel Werk BOB. Stichting Sociaal Cultureel Werk BOB is een ondernemende stichting in de Trynwâlden. De stichting organiseert verschillende activiteiten voor kinderen, tieners, jongeren en volwassenen in de Trynwâlden.

Werkwijze

Binnen het BOB is een beroepskracht actief, deze beroepskracht is ingezet via KEaRN. De beroepskracht vertaalt de signalen vanuit de samenleving naar sociaal culturele activiteiten binnen het buurthuis, zorgt voor het persoonlijke contact en de begeleiding van vrijwilligers, stagiaires, bezoekers, bemiddelt tussen belangen bij de verschillende werkgroepen, houdt feeling met de werkvloer/ samenleving/ dorp, zorgt dat taken en verantwoordelijkheden duidelijk en ook door de geëigende personen en werkgroepen worden opgepakt en uitgevoerd.

KEaRN Methoden van werken


Een belangrijke methode voor Kearn is het vraaggericht werken. Aan deze methode wordt o.a. vorm gegeven door ouderenadvisering.Dat kunnen individuele vragen uit de persoonlijke levenssfeer zijn of collectieve vragen rond zaken die in de lokale samenleving spelen. Vraaggericht werken moedigt volgens de SWT de eigen stuurkracht van mensen aan en vergroot hun vermogen om een toekomstig vraagstuk zelf aan te pakken. Kearn probeert vraaggericht te werken door op het spoor te komen van individuele en collectieve welzijnsvragen. Daar is een doeltreffende manier voor: met de mensen in gesprek gaan.

Naast vraaggericht werkt Kearn meer dan in het verleden ook ambulant. Ze gaan naar de mensen toe, op plekken waar zij zich bevinden, omdat daar zichtbaar wordt met welke vragen zij zitten. Medewerkers verlaten meer en meer de buurthuizen en dienstencentra, trekken er op uit om in contact te treden met doelgroepen. Uitgangspunt is vindplaatsgericht werken: doelgroepen opzoeken op de plekken waar ze zich bevinden. Medewerkers onderhouden via panelgesprekken, overleg met dorpsbelangen, contactpersonen in dorpen, etc. een netwerk van contacten in alle dorpen van hun werkgebied.

Nog een belangrijke methode voor Kearn is het versterken en vergroten van ontwikkelingskansen van groepen en individuen die minder kansrijk in de samenleving zijn. Welzijn bestaat uit een geheel aan levensvoorwaarden die met elkaar in balans zijn. Die balans kan verstoord raken door allerlei oorzaken: door een laag inkomen, door een tekort aan sociale contacten, door fysieke beperkingen, enz. Veel mensen weten die balans op eigen kracht te herstellen, anderen hebben daar moeite mee. Het aanbod van Kearn is erop gericht hindernissen weg te nemen en kwetsbaarheid te verminderen. Het versterken en vergroten van ontwikkelingskansen doet Kearn op de volgende manier:

  • - Door een scherpe analyse van maatschappelijke tekorten aan kansen: op welke terreinen komen mensen in de knel? Waar worden zij in hun mogelijkheden beperkt?
  • - Door een heldere bepaling van de bijdrage die ze vanuit hun organisatie kunnen leveren aan de oplossing van dat tekort.
  • - Ze zoeken daarbij waar mogelijk samenwerking met anderen. Door kansrijken en minder kansrijken met elkaar in contact te brengen in gezamenlijke verbanden.
  • - Door heel kritisch te kijken naar het bereik van hun activiteiten. Zijn die zo opgezet dat de beoogde doelgroep inderdaad bereikt wordt? Volle zalen geven ze te denken: zitten hier niet mensen die de weg al wisten te vinden?

Een andere methode van Kearn is het verbinden van groepen. Ze maken verbinding tussen groepen en bouwen aan sociale verbanden waarin kansarm zich kan optrekken aan kansrijk. Kearn vindt dit erg belangrijk omdat onze samenleving steeds meer uiteen valt in groepen die onderling nauwelijks verbinding met elkaar hebben. Generaties vervreemden van elkaar, mensen uit etnische groepen leven op zichzelf zonder noemenswaardig contact met hun autochtone medeburgers, groepen jongeren zetten zich tegen elkaar af. Met als gevolg: weinig tot geen begrip voor elkaar en uiteindelijk conflicten. Kearn wil een bijdrage leveren aan het herstellen van ‘natuurlijke’ verbindingen tussen jong en oud en een brug slaan tussen groepen die langs elkaar heen leven. Dit willen ze doen op de volgende manier:

  • - Door hun activiteiten breed aan te bieden. Geen onderscheid in doelgroepen of leeftijdscategorieën, tenzij daar echt een gegronde reden voor is.
  • - Door oog te hebben voor kloven tussen jong en oud en andere groepen en samen met betrokkenen te zoeken naar mogelijkheden tot verbinding.
  • - Ze zoeken daarbij waar mogelijk samenwerking met anderen. Door kansrijken en minder kansrijken met elkaar in contact te brengen in gezamenlijke verbanden.
  • - Door samenwerking aan te gaan met sportverenigingen en andere vrijwilligersverbanden.

Als laatste methode van Kearn is het werk ‘lokaal georganiseerd’. Dit wil zeggen dat het werk zich afspeelt in maatschappelijke verbanden zoals die voor de mensen bestaan: de buurt, de straat, het inloopcentrum, het clubhuis. Welzijn is niet los te zien van belangrijke levensgebieden als wonen, werken, vrije tijd of zorg. Mensen ervaren welzijn (of juist een tekort daaraan) in hun gezin, als buurtbewoner, op hun werk, in hun contacten met school, als lid van een vereniging. Bijdragen aan het welzijn van mensen houdt voor Kearn in dat ze dat altijd doen in afstemming op het werk van andere partijen die in lokale verbanden werkzaam zijn: de school, de wijkagent, het woningbedrijf, etc. Welzijnswerk is netwerken. Welzijnswerk is niet los te zien van gemeentelijk welzijnsbeleid. www.kearn.nl